Sla, sla en nog eens sla!

FavoriteLoadingAan favoriete recepten toevoegen

Wat is er heerlijker op een zwoele zomeravond dan een fris slaatje? Zorg voor afwisseling en verras iedereen met jouw lekkere slaatjes. Zo kan je kiezen voor kropsla of rucola, maar ook voor lollo rosso of Chinese sla. Want sla hoeft zeker niet saai te zijn!

De verschillende slasoorten worden doorgaans onderverdeeld in vier groepen:

  • De malse kropsla’s: deze soort heeft ronde bladeren die elkaar overlappen en rondom een hart zitten. (bv. kropsla)
  • De knapperige kropsla’s: deze soort heeft ook ronde bladeren die elkaar overlappen en rondom een hart zitten. (bv. ijsbergsla)
  • Langwerpige soorten: deze soort heeft een hart, maar langwerpige bladeren. (bv. bindsla of romeinse sla)
  • Losbladige soorten: deze soort heeft geen hart en de bladeren groeien in de vorm van een krans.

SMAAK

Daarnaast kan je de meeste slasoorten ook onderverdelen qua smaak. De meeste salades hebben een milde smaak, die kan variëren van nootachtig (bv. bindsla) bij bepaalde types tot een grondsmaak bij andere (bv. eikenblad). Bij vele variëteiten overheerst echter de smaak van hun hoofdbestanddeel; water. Dit geldt in het bijzonder voor de zogenaamde ‘designer’-slasoorten zoals lollo biondo en lollo rosso.

De meeste slasoorten kunnen worden ingedeeld in twee smaakgroepen.

  • Zoete smaak: kropsla, rode sla, lollo bionda, lollo rosso, eikenbladsla, ijsbergsla, batavia en romeinse sla.
  • Bittere smaak: andijvie, krulandijvie, frisée, witloof, roodloof, molsla en radicchio.

Dan zijn er ook nog de overige soorten die we niet kunnen onderbrengen in die twee categorieën: veldsla, roquette en rucola.

20 Soorten sla

1. Andijvie

De bladeren zijn vrij breed in een losse krop en lichtgroen van kleur. Andijvie kan rauw in salades worden verwerkt.

2. Krulandijvie / frisée

De groente vormt een vrij open krop en heeft krullerig, sterk ingesneden blad. Het hart van de krop is geel en de buitenste bladeren zijn lichtgroen. De smaak van frisee is licht bitter en combineert goed met andere slasoorten. Krulandijvie is lekker in combinatie met pittige smaken als radijzen en blauwe schimmelkaas. Deze slasoort is van april tot november verkrijgbaar.

3. Witloof

Vroeger was witloof wat bitter, vooral de kern, maar nu zijn ze wat zachter. Witloof werd aanvankelijk geteeld als typische wintergroente. Nu kan je hem het hele jaar door verkrijgen, maar vooral in de periode oktober-april. Dan is hij in overvloed op de markt.

4. Roodloof

Een variant op de gewone witloof is roodlof. Het is een kruising tussen radicchio en witloof. De struikjes zijn wit met rode gevlamde bladeren. De smaak is licht bitter. Roodlof is geschikt voor rauw gebruik.

5. Molsla

Molsla is het blad van de paardebloem. De gekweekte soort heeft vrij brede en lange bladeren. Ze groeien in een rozet en zijn donkergroen met witte aders. De smaak is erg bitter en doet het uitstekend in combinatie met gebakken spekjes. Combineert goed met andere slasoorten . Lekker met wat olijfolie, citroensap en knoflook nadat het kort is gekookt.

6. Radicchio

Deze  wordt meestal rauw gegeten. Het is een rond, klein, stevig kropje met wijnrode bladeren met witte nerven. De structuur van het blad is stevig, knapperig maar toch mals. De smaak is bitter. De slasoort combineert goed met andere soorten ,zowel vanwege de smaak als de mooie kleur. Je vindt hem vooral terug van juni tot oktober.

7. Kropsla

Belgische kropsla staat wereldwijd bekend om zijn dikke en sappige kroppen De bladeren zitten los in de krop en zijn groen, groot en hebben een zachte smaak. In het midden van de krop zitten de bladeren compacter en zijn ze lichtgeel. Kropsla wordt rauw in salades verwerkt.

8. Rode sla

Het rode zusje van de gewone kropsla, met bijzonder decoratieve blaadjes. Is het hele jaar door verkrijgbaar uitgezonderd in de maand december.

9. Lollo Biondo

Deze soort heeft een losse krop met decoratief gekrulde geelgroene bladeren. De smaak is neutraal. Lollo biondo is het hele jaar te verkrijgen.

10. Lollo Rosso

De rode versie van lollo biondo.

11. Rode Eikenbladsla

Eikenbladsla vormt een zeer losse krop. De bladeren zijn sterk ingesneden en hebben iets weg van een eikenblad. Deze soort heeft een roodbruine kleur. Het blad is mals en zacht en heeft een licht nootachtige smaak. Deze is vooral verkrijgbaar van mei tot oktober.

12. Groene Eikenbladsla

De groene variant.

13. Ijsbergsla

IJsbergsla vormt een dichte krop. De lichtgroene bladeren zijn stevig, knapperig en iets doorzichtig, zodat het lijkt alsof ze bevroren zijn. De smaak is pittiger dan die van kropsla. Er bestaat ook rode ijsbergsla. IJsbergsla wordt over het algemeen rauw in salades verwerkt, maar kan ook kort gekookt en warm geserveerd worden. Deze sla is in de zomer op zijn best.

14. Frillice

Een variant op ijsbergsla is frillice. Deze soort vormt een open krop met krullerige en knapperige bladeren. Je vindt hem vooral terug van mei tot augustus.

15. Batavia

Batavia lijkt qua vorm op kropsla. Het blad is sterk gebobbeld en heeft een gegolfde vorm. Hij is er in lichtgroen en roodbruine tinten. De bladstructuur lijkt op die van ijsbergsla maar mist het knapperige. De smaak is neutraal. Deze sla is te verkrijgen van mei tot november.

16. Romeinse sla

Deze sla groeit recht omhoog. Door het dichtbinden van de bladeren aan de top bleekt het hart en blijft dit zacht. De bladeren zijn vrij groot, langwerpig, grof van structuur en donkergroen. De buitenste bladeren zijn vrij stug en kunnen goed worden gestoofd. Gestoofde Romeinse sla heeft iets weg van spinazie en andijvie en kan ook zo worden bereid. Rauwe Romeinse sla smaakt iets wranger dan kropsla en wordt bijvoorbeeld gebruikt voor de ‘Caesar Salad‘.

17. Veldsla

De frisgroene blaadjes zijn lepelvormig en groeien in kleine rozetjes. Veldsla heeft een zachte, nootachtige smaak en is goed te combineren met andere slasoorten én mooi als garnering. Het kan ook warm gegeten worden: kort gekookt, gestoomd of in de soep. Veldsla kan je het hele jaar door kopen. In augustus is de aanvoer echter iets minder.

18. Roquette

De slasoort bestaat uit langwerpige blaadjes met een steeltje eraan. De smaak is pittig en uitgesproken nootachtig. Roquette is naast rauw gebruik in salades ook geschikt om te stoven.

19. Rucola

De bladeren zijn lang en smal in een losse krop. De smaak is zeer karakteristiek en doet in de verte aan radijsjes denken. Rucola wordt rauw gegeten en laat zich goed met andere slasoorten mengen.

20. Rode Bietenblad

Dit is het jonge blad van de rode biet. Het ovale blad met een opvallende rode nerf en stengel heeft een frisse, licht bittere smaak.

 

Bron : Libelle

Geef een reactie